Ziektewinst

Wat is ziektewinst?

Ziek zijn is niet fijn. Veelal heeft het vervelende gevolgen, zoals pijn lijden, bang zijn en niet met leuke dingen mee kunnen doen. Soms heeft ziek zijn ook positieve consequenties, zoals exclusieve aandacht van ouders, cadeautjes krijgen en lekker op de bank in de woonkamer liggen. Wanneer die positieve consequenties een gezond herstel in de weg staan of maken dat een kind meer ziektegedrag blijft vertonen dan strikt nodig is, spreekt men wel van ‘ziektewinst’.

Wanneer ziektewinst aan de orde is, zal een kind niet goed gaan ervaren dat ‘beter zijn’ en ‘alles weer kunnen’ uiteindelijk fijn is. Dat ‘beter zijn’ tot veel meer plezier en positiviteit zal leiden dan ziek zijn. Ziektewinst is een onprettige term. Het suggereert dat ziektegedrag doelbewust in stand gehouden wordt door het kind, terwijl aan ziektewinst ingewikkelde psychologie ten grondslag kan liggen. Dit kan tot veel onmacht leiden bij ouders, kinderen en ook bij leraren en andere betrokkenen. Het gaat om onbewuste processen: Het kind weet zich veilig in de inmiddels vertrouwde situatie van ziek-zijn. Het is dan heel natuurlijk om aan dat veilige en vertrouwde vast te houden. Een nieuwe, gezonde fase aangaan is spannend. Je moet nog maar zien hoe het allemaal zal bevallen, en hoe iedereen met je omspringt. Die spanning en/of angst kan het kind onbewust in de greep houden en tot vermijdingsgedrag leiden. Het ziektegedrag krijgt een functie: het helpt het kind om de nieuwe, spannende en onbekende fase van ‘weer beter zijn’ te mijden. Daarom blijft het kind onbewust ziektegedrag vertonen.

Een voorbeeld uit de praktijk:

Shaïda (13) is altijd al een verlegen en beetje angstig meisje geweest. Na een lange ziekteperiode moet ze weer terug naar school. Ze heeft al tijden niks van haar klasgenoten gehoord en is bang dat ze van alles heeft gemist. Ze weet niet waarover ze met de meiden in haar klas moet praten. Ineens komt er een einde aan het lekker veilig thuis op de bank televisie en YouTube filmpjes kijken. Ze moet weer mee doen in de pauze, huiswerk maken en zich aan de schoolregels houden. Zij ziet vooral op tegen ‘alles wat weer moet’ – niet omdat ze lui of ongemotiveerd is, maar omdat ze bang en onzeker is.

Wat zijn signalen van ziektewinst?

Ziektewinst herken je doordat het kind gedrag laat zien dat eigenlijk niet helemaal past bij de medische conditie. Feitelijk is het kind al ‘beter’ dan dat het zich gedraagt. Het blijft hangerig, futloos, klagen over pijntjes enz. Ouders merken aan alles dat het kind iets te graag in de rol van ‘het zieke kind’ blijft hangen, terwijl je zou denken dat het kind opgelucht en blij is dat de ziekteperiode voorbij is.

Hoe kun je omgaan met ziektewinst op school?

De juiste aanpak is afhankelijk van de onderliggende oorzaak van de vermijding. Denk aan het volgende:

  • Veroordeel het kind niet en bestempel het niet als lui, manipulatief of ongemotiveerd.
  • Neem het probleem serieus en steun het kind en de ouders in hun onmacht.
  • Ziektewinst wekt weerstand op en onbegrip, terwijl zieke kinderen die weer naar school proberen te gaan juist steun en begrip kunnen gebruiken.
  • Informeer niet alsmaar naar de klachten bij het kind (hoofdpijn, buikpijn, vermoeidheid of andere dingen). Voorkom daarmee dat het kind steeds gedwongen wordt zich op de fysieke klachten te focussen.
  • Stel het kind gerust.
  • Afleiding en ontspanning helpt.
  • In contact met ouders is het belangrijk om te bepraten en om te laten voelen dat je helemaal geen negatief (waarde) oordeel hebt. Laat ouders merken dat je vanuit het perspectief van hun kind heel goed snapt dat er angsten en of spanningen spelen, maar dat je het ook belangrijk vindt om het kind te helpen om deze spanningen het hoofd te bieden.
  • Bij een vermoeden van ziektewinst is het belangrijk om op een constructieve manier met ouders te bespreken welke mogelijke positieve consequenties het ziek zijn voor het kind heeft gehad. Bespreek met ouders of het lukt die consequenties op een voor het kind acceptabele manier terug te dringen, bijvoorbeeld door het kind een halve dag naar school te laten gaan en ‘s middags nog even lekker op de bank te laten hangen.
  • Ga na wat redenen voor het kind kunnen zijn om (onder andere) school liever te mijden. Laat ouders bijvoorbeeld aan hun kind de vraag stellen wat er spannend zou kunnen zijn aan het oppakken van het oude leventje. Denk hierbij aan sociale angst, gepest worden, zich teveel in het middelpunt van de aandacht voelen, zich onvoldoende begrepen of genegeerd voelen, opzien tegen alle vragen die mogelijk komen gaan, enz.
  • Wanneer ziektegedrag onverhoopt blijft bestaan, kun je ouders adviseren een medisch (kinder)psycholoog te consulteren.

Auteurs:

Dr. Kim Oostrom, Hoofd Psycho Sociale Afdeling, Emma kinderziekenhuis AMC

Met medewerking van: Ingrid de Jong, consulent OZL, Educatieve Voorziening AMC/VUmc en Leo Vleeshouwers, consulent OZL, Educatieve Voorziening UMCU

Ziezon, juni 2017

 

 


Print Friendly, PDF & Email